Lezingen van 24 juni 2020

Hoogfeest van de geboorte van de heilige Johannes de Doper

Volgens het Evangelie van Lucas was Johannes de zoon van de priester Zacharias en Elisabeth, de nicht van Maria. Ofschoon Elisabeth niet meer vruchtbaar was, ontving zij op last van God toch een kind. Johannes groeide op “en de Geest beheerste hem meer en meer. Hij verbleef in de woestijn tot de dag, waarop hij zich aan Israël in het openbaar vertoonde” (Lc. 1, 80). Johannes werd De Doper genoemd omdat hij zondaars wees op het Laatste Oordeel en hen een uitweg bood door zich te laten reinigen in het water van de Jordaan. Ook Jezus liet zich door Johannes dopen. Daarmee verklaarde Christus zich solidair met allen die verlossing nodig hebben. Johannes wordt beschouwd als de laatste oudtestamentische profeet die net als Jesaja en Jeremia de komst van de Messias aankondigde. Van zijn zeer bijzondere rol getuigt Jezus zelf, als Hij zegt: Onder hen die uit vrouwen geboren zijn, is niemand opgestaan die groter is dan Johannes de Doper (Mt. 11, 11).

Eerste lezing: Uit de profeet Jesaja, 49, 1-6.
Luistert naar mij, eilanden, spitst de oren, volkeren van ver: De Heer heeft mij vanaf de moederschoot geroepen, vanaf de schoot mijner moeder heeft Hij mijn naam genoemd. Hij heeft mijn mond tot een snedig zwaard gemaakt, met de schaduw van zijn hand heeft Hij mij bedekt. Hij maakte van mij een geslepen pijl, en in zijn koker heeft Hij mij geborgen. Hij sprak tot mij: Mijn dienaar zijt gij, Israël, in wie Ik Mij zal verheerlijken. En ik heb gezegd: Vergeefs heb ik mij afgetobd, mijn kracht loopt uit op leegheid en wind, maar mijn recht is bij de Heer en mijn beloning bij mijn God. Nu echter sprak de Heer die mij vormde tot zijn knecht vanaf de moederschoot, om Jakob terug te brengen tot Hem en opdat Israël voor Hem zou worden verzameld. – Ik ben verheerlijkt in de ogen van de Heer, en mijn God is mijn sterkte. – Hij sprak: Het is te gering dat gij mijn dienaar zijt om Jakobs stammen op te richten en de gespaarden van Israël terug te brengen. Ik stel u aan tot licht van de heidenvolkeren om mijn heil te zijn tot aan het uiteinde der aarde.

Tussenzang: Ps. 139 (138), 1-3. 13-14. 15.

Antifoon: Ik dank U, Heer, voor het wonder van mijn leven.

Gij kent mij, Heer, en Gij doorschouwt mij,
Gij ziet mij waar ik ga of sta.
Van verre kent Gij mijn gedachten,
Gij weet waarom ik bezig ben of rust.

Want wat er in mij is hebt Gij geschapen,
Gij hebt mij als een weefsel in de moederschoot gevormd.
Ik dank U voor het wonder van mijn leven,
voor alle wonderwerken die Gij hebt gemaakt.

Gij weet ook alles wat er omgaat in mijn geest,
mijn diepste wezen is U niet verborgen.
Toen ik geheimnisvol werd voortgebracht,
mijn levensdraden in de schoot gevlochten werden.

Tweede lezing: Uit de Handelingen der Apostelen, 13, 22-26.
In die dagen zei Paulus: Nadat God Saul verworpen had, verhief Hij David tot koning van het volk Israël. Van deze gaf Hij het getuigenis: Ik heb David gevonden, de zoon van Isaï, een man naar mijn hart die mijn wil in alles zal volbrengen. Uit diens nakomelingschap heeft God volgens belofte voor Israël een Verlosser doen voortkomen, Jezus; nadat reeds Johannes vóór zijn optreden een doopsel van bekering had gepredikt aan heel het volk van Israël. Toen Johannes aan het einde van zijn loopbaan was, zei hij: Wat ge meent dat ik ben, ben ik niet; maar na mij komt iemand wiens schoeisel ik niet waard ben los te maken. Mannen broeders, zonen uit Abrahams geslacht en godvrezenden onder u: tot ons is dit woord van verlossing gezonden.

Alleluia: Lc., 1, 76.
Alleluia. Gij, kind, profeet van de Allerhoogste zult ge worden genoemd, want voorafgaan zult gij aan de Heer en gij zult zijn wegen bereiden. Alleluia.

Uit het heilig Evangelie van onze Heer Jezus Christus volgens Lucas, 1, 57-66. 80.
In die tijd brak voor Elisabeth het ogenlik aan dat zij moeder werd; zij schonk het leven aan een zoon. Toen de buren en de familie hoorden hoe groot de barmhartigheid was die de Heer aan haar had betoond, deelden zij in haar vreugde. Op de achtste dag kwam men het kind besnijden en ze wilden het naar zijn vader Zacharias noemen. Maar zijn moeder zei daarop: Neen, het moet Johannes heten. Zij antwoordden haar: Maar er is in uw familie niemand die zo heet. Met gebaren vroegen zij toen aan zijn vader hoe hij het wilde noemen. Deze vroeg een schrijftafeltje en schreef er op: Johannes zal hij heten. Ze stonden allen verbaasd. Onmiddellijk daarop werd zijn mond geopend, zijn tong losgemaakt en verkondigde hij Gods lof. Ontzag vervulde alle omwonenden en in heel het bergland van Judea werd al het gebeurde rondverteld. Ieder die het hoorde, dacht er over na en vroeg zich af: Wat zal er worden van dit kind? Want de hand des Heren was met hem. Het kind groeide op en de Geest beheerste hem meer en meer. Hij verbleef in de woestijn tot de dag waarop hij zich aan Israël in het openbaar vertoonde.

Vieringen door de week

H. Nicolaas Baarn 

Lauden: iedere werkdag 8.15 – 8.30 uur

Eucharistie: dinsdag 19.00 – 19.45 uur

woensdag/donderdag: 8.45 – 9.30 uur

vrijdag: 19.00 – 20.00 uur

HH. Michael en Laurens de Bilt

Dinsdag 10:00 uur, Gebedsviering

H. Nicolaas Eemnes

Donderdag 10.00 uur, afwisselend Eucharistie en Gebedsviering

Petrus en Pauluskerk Soest

Woensdag 9.00 uur, Gebedsviering

Vrijdag 9.00 uur, afwisselend Eucharistie en Gebedsviering

Contact

Parochiesecretariaat HH. Martha en Maria:
Steenhoffstraat 41
3764 BJ Soest
KvK nr 74836048
Bereikbaar op maandag en woensdag tot en met vrijdag van 9.00 tot 12.00 uur.
E-mailadres: info@marthamaria.nl
Telefoonnummer: 035-6011320

U kunt ook het contactformulier gebruiken.